creatieve werkvormen voor de start van het schooljaar

Om het schooljaar op een creatieve manier te beginnen, hierbij een achttal voorbeelden van rijke werkvormen om de vakantie te ‘bespreken’ met de klas. Ik heb een onderverdeling gemaakt in onder-, midden-, en bovenbouw (PO), maar sommige werkvormen kunnen uiteraard ook in andere groepen worden gebruikt. Ik wens jullie veel creativiteit en plezier bij het uitvoeren ervan en zou het erg leuk vinden om jullie reacties en resultaten (foto’s…) te krijgen.kompas

[klik hier 140812 Nuvoli – creatieve werkvormen voor start schooljaar om het hele document als PDF te downloaden]

Onderbouw:

  1. Laat de kinderen een associatiekaart uitkiezen die staat voor hun vakantie om te gebruiken voor een kringgesprek.
  2. Ga in de kring staan en gooi een bal naar een leerling. Deze leerling mag in 3 woorden vertellen hoe zijn/haar vakantie was en gooit de bal daarna naar de volgende leerling. Ga zo door tot iedereen aan de beurt is geweest.

 

Middenbouw

  1. Teken de contouren van Europa op de grond – kinderen nemen positie in van waar ze geweest zijn. Laat ze het land noemen (en evt. de hoofdstad) en kijk of ze samen de niet-ingevulde landen kunnen benomen.
  1. Laat de kinderen een moodboard maken van hun vakantie en in 1 minuut vertellen (timer laten lopen) wat hun vakantiebelevenissen waren.
  2. Laat de kinderen een kleine tekening  (A6) maken van een geluksmoment tijdens hun vakantie.
    1. Aanvullende werkvorm: Gebruik drama/mime om het geluksmoment te laten zien aan de klas, laat hen dan raden wat het was (voor het uitspelen kunnen natuurlijk ook groepjes worden gebruikt, zodat er meerdere rollen kunnen worden ingevuld).

 

Bovenbouw

6. Maak een wereldkaart op het schoolplein, samen met de leerlingen. Gebruik bijvoorbeeld rasteren om de wereld stukje voor stukje te tekenen. Daarna neemt iedereen een plek in op de wereldkaart en vertelt kort waar hij/zij geweest is. Dit is ook een mooi fotomoment

7. Gebruik een lijn van de ene naar de andere kant van de klas, stel vragen en benoem steeds de uitersten en vraag de leerlingen op de lijn te gaan staan, op de plek waar ze ‘horen’. Vraag dan steeds een leerling waarom deze op die positie staat, zodat ze dat kunnen toelichten. Die leerling mag dan een ander kiezen om te vragen waarom die op zijn/haar plek staat. Gebruik hierbij (bijv.) de volgende vragen:

  • Hoe leuk was je vakantie? (Helemaal niet leuk vs fantastisch!)
  • Hoe lang ben je weggeweest (0-6 weken)
  • Hoe ver weg ze zijn geweest (uitersten thuis vs andere kant van de wereld)
  • Kon je de mensen op je vakantiebestemming verstaan? (helemaal wel vs helemaal niet)
  • Hoe was het weer? (heel slecht vs alleen maar zon)

8. Noord – oost – zuid – west – markeer in het lokaal  een windroos op de vloer en laat de leerlingen plaatsnemen in het lokaal op basis van de laatste locatie waar ze heen zijn geweest op vakantie. Laat ze elkaar helpen als ze het niet weten.Aanvullende werkvorm: De leerlingen berekenen hoe ver weg ze zijn geweest (in km’s)

  • maak hier dan een grafiek van
  • of bereken wel deel  van de km’s elke klasgenoot heeft “verbruikt”
  • Bereken hoeveel brandstof dat gekost heeft (op basis van het verbruik van verschillende auto’s bijv. hybride, diesel en oldtimer)

Over de auteur:

Loes Visscher is creatief trainer en facilitator bij Nuvoli. Met trainingen en interactieve workshops boort zij het aangeboren, maar vaak verwaarloosde talent tot creatief denken aan bij individuen en groepen. Met speciale liefde en aandacht voor het onderwijs, om door en met docenten creativiteit terug te brengen in het onderwijs en het natuurlijke creatieve talent van kinderen en jongvolwassenen te stimuleren.

Meer weten? Bel dan 06-29895989 of mail met Loes @ nuvoli.nl.