Tijdsurfen

Ik werk sinds een tijdje met de methode van tijdsurfen van Paul Loomans. Eén van de mooiste principes van het tijdsurfen vind ik dat je altijd 1 ding tegelijk doet. Ook als je onderbroken wordt. In plaats van vast te houden aan de taak waarmee je bezig was, geef je juist je volledige aandacht aan die zogenaamde ‘aankloppers’. Dat zorgt namelijk uiteindelijk voor meer rust dan als je de aanklopper negeert of afpoeiert.

Ik heb daar de afgelopen weken rustig mee kunnen oefenen en voor mij werkt het goed, al vind ik het zelf soms wat moeilijk te combineren met opvoeden. Een voorbeeld:
Als ik de kinderen naar bed breng en er komt door een verhaal van mij een vraag op bij mijn dochter, ga ik er dan op in “aandacht geven aan de aanklopper” en geef ik zelfs antwoord? Of switch ik met mijn aandacht en geef ik aan dat ik na het verhaal de vraag zal beantwoorden?

Kortom, ik heb op dat gebied nog genoeg te leren. En ik heb zo het gevoel dat de bovenstaande kwestie ook in de klas nog wel eens naar voren kan komen. Hoe gaan jullie daarmee om?

Wil je meer weten over tijdsurfen. Lees dan dit artikel (http://ikhebdetijd.nl/wp-content/uploads/2014/…/Happinez.pdf) of het boek Ik heb de tijd van Paul Loomans (https://www.managementboek.nl/…/ik-heb-de-tijd-paul-loomans…)

Opstarten

Opstarten

Na een lekkere vakantie en twee weken thuis met de kinderen wacht de werkende werkelijkheid weer op me. Ik besluit, heel rationeel, om aan het werk te gaan op de eerste schooldag van de kinderen. Maar al gauw blijkt dat ik niet genoeg ben opgeladen, ik krijg geen woord op papier en blijf hangen in allerhande randzaken. Duidelijk taal van mijn lichaam: het is nog tijd om rust te nemen. Ik laat me een paar dagen leiden door mijn gevoel. Doe dingen in mijn eigen tempo, ga af en toe zitten op de bank of doe een dutje. En ik luister beter naar mezelf: welke taken komen in me op, wat voelt goed om te doen? En aan het eind van de week zijn de kleine klusjes thuis allemaal geklaard, heb ik her en der toch wat werk-klussen gedaan. En het belangrijkst: ik ben helemaal opgeladen en dán voelt het wel goed om vandaag weer volop aan de slag te gaan.

dagstarter voor de creatieve klas – sleutelbos

Deze werkvorm is geschikt voor de bovenbouw PO of het VO.

Je sleutelbos is een heel persoonlijk item, bij sommige kinderen zit er van alles aan. Vandaag ga je met elkaar in gesprek naar aanleiding van je sleutelbos.Laat in twee- of viertallen je klas aan elkaar vragen stellen, bijvoorbeeld:Dia3

  • Welke sleutel gebruik je het meest?
  • Welke sleutel gebruik je het minst (en waarom)
  • Welke sleutel is je het meest dierbaar?
  • Wat is de symboliek van je sleutelhanger?
  • Wat is de functie van een bepaalde sleutel?

Zie ook het werkblad creatieve starter – sleutelbos
Geef de leerlingen elk 3 minuten de tijd om te vragen en keer daarna de rollen om. Vraag daarna of leerlingen wat willen delen met de klas over wat ze (nieuw) over elkaar geleerd hebben.

Over de auteur:

Loes Visscher is creatief trainer en facilitator bij Nuvoli. Met trainingen en interactieve workshops boort zij het aangeboren, maar vaak verwaarloosde talent tot creatief denken aan bij individuen en groepen. Met speciale liefde en aandacht voor het onderwijs, om door en met docenten creativiteit terug te brengen in het onderwijs en het natuurlijke creatieve talent van kinderen en jongvolwassenen te stimuleren.

Meer weten? Bel dan 06-29895989 of mail met Loes @ nuvoli.nl

creatieve opdrachten geven

Hoe kan je creativiteit in je klas stimuleren? kleerhanger

Eén van de eenvoudigste, maar wellicht ook de moeilijkste manier, is te beginnen met het geven van een goede opdracht. Vaak zie ik dat (al bij de kleuters) hele gesloten opdrachten worden gegeven, die leiden tot kopietjes van het voorbeeld van de juf (tip 1: geef géén voorbeeld), in plaats van een eigen creatieve uitwerking. Hoe kan je zorgen dat de opdracht die jij geeft wél leidt tot creativiteit?

Voor het geven van creatieve opdrachten zijn in de basis 3 dingen van belang (Bron: IDEAEDU.org)
1. de onderliggende kennis/vaardigheid moet aanwezig zijn
2. de opdracht moet een open eind hebben of flexibel zijn
3. er moet genoeg tijd zijn om te creëren (en liefst ook om te experimenteren)

Ad 1. Als je dus een creatieve opdracht wilt geven over staartdelen, muizentrapjes vouwen of haiku’s, dan zal je eerst dit moeten aanleren, om daarna een creatieve opdracht te kunnen geven.

Ad 2. Een opdracht die niet helemaal ingeperkt is, geeft de meeste mogelijkheid voor creativiteit. Geef je een voorbeeld, dan geef je al aan wat je wilt hebben, en bovendien is het voor leerlingen erg moeilijk om van dat denkpad af te wijken.
Ik pleit niet per se voor volledige vrijheid, want inperking kan heel nuttig zijn om creativiteit te stimuleren. Je kunt inperken op bijvoorbeeld het formaat, de techniek/materialen of juist op het eindresultaat.

Wat kunnen creatieve opdrachten zijn? Hierbij een paar opdrachten die ik uit ervaring ken:

[beperking op techniek/materiaal]

  • Schrijf (humoristische) grafschriften over je leraren
  • Maak een kikker en gebruik daarbij natuurlijke materialen.
  • Maak iets van Staphorster stipwerk
  • Ontwerp een tas waarin 3 verschillende stiktechnieken zitten.
  • Maak een tekening met alleen maar stippen (via http://id-o-matic.nl/)

[beperking op formaat/eindresultaat]

  • Maak een platenhoes voor je favoriete artiest/nummer
  • Maak een spel voor leeftijdsgenoten
  • Bedenk/maak een nieuw ijsje, inclusief naam en verpakking
  • Bedenk een spelvorm om afronding achter de komma uit te leggen aan je klasgenoten

Wat helpt om leerlingen creatief te laten denken/werken (Ad 3) is om ze te vragen om verschillende schetsen te maken voor een opdracht of kort op te schrijven wat ze willen doen en ze daarbij te forceren minimaal drie opties te overwegen. Dit kan aan het begin van de opdracht, maar ook tussendoor is het goed om leerlingen te laten nadenken over de opties die ze hebben.

een goede opdracht is als een kleerhanger
Je kunt er van alles mee doen en van alles aan ophangen!

Veel succes met het toepassen. Mocht je vragen of opmerkingen hebben, neem dan gerust contact met mij op.

Over de auteur:

10401411_296708497160515_2570209716641568197_nLoes Visscher is creatief trainer en facilitator bij Nuvoli. Met trainingen en interactieve workshops boort zij het aangeboren, maar vaak verwaarloosde talent tot creatief denken aan bij individuen en groepen. Met speciale liefde en aandacht voor het onderwijs, om door en met docenten creativiteit terug te brengen in het onderwijs en het natuurlijke creatieve talent van kinderen en jongvolwassenen te stimuleren.
Meer weten? Bel dan 06-29895989 of mail met Loes @ nuvoli.nl

haal meer uit de groep!

In groepen heb je stille Willy’s en luidrregisseursstoeluchtige types. En die laten samenwerken is best een kunst. Of het nu om een klas of een (werk)team gaat, verschillende types kunnen ervoor zorgen dat samenwerking niet zo vlot verloopt, omdat de één de ander overschreeuwt.

Zo woonde ik een tijdje de vergaderingen bij van een team, waarin een senior medewerker continue de anderen overklaste, en de junior bijna niet aan het woord kwam. Pas toen we een keer werkten met post-its en naast elkaar gingen staan, werd de inbreng van de teamleden evenwichtig en zag je het begrip voor elkaars standpunten groeien.

Een aantal van de werkvormen die ik in dat overleg met hen gebruikte, zijn eenvoudig toe te passen in de klas of in je team om de samenwerking tussen deze oh zo verschillende types te geleiden:

individuele werkvorm vóór collectief proces
– Kies voor een stukje rust, door bijvoorbeeld bij besluitvorming (werk) of een meningenopdracht (klas) elke deelnemer eerst zijn eigen mening op papier/post-it te laten schrijven (IN STILTE), voordat de uitwisseling begint.

ga naast elkaar staan en licht individueel toe
– Ga dan liefst staan (!) en gebruik per groepje een bord/flipover (of desnoods tafel) om mee te werken. Laat in de groepjes eerst iedereen zijn briefje opplakken en daarna zijn mening toelichten, voordat je de discussie start. Regel daarbij: maximaal één persoon tegelijk aan het woord.
– De volgorde waarin deelnemers hun mening geven kan je in plaats van ‘met de klok mee’ of ‘tegen de klok in’ ook doen door deelnemers zelf te laten kiezen wie ze het woord willen geven na hen.

groepeer de uitkomsten gezamenlijk
– Laat na het toelichten  de groep de briefjes/meningen groeperen om te laten zien waar overeenkomsten en verschillen zitten. Het voordeel van briefjes is dat je meningen of ideeën niet kan wegstoppen, omdat ze zichtbaar zijn.

Wordt er slecht geluisterd of krijgen mensen niet de ruimte?
– Als er slecht geluisterd wordt, pas dan de ‘Indian talking stick’ methode toe, waarbij degene die de stok vasthoudt als enige spreekt en de stok pas doorgeeft als hij zich begrepen voelt.

Regels hierbij zijn: (verkregen via deze link)

  • Diegene die de Talking Stick vasthoudt, is de enige die spreekt. Hij mag de stick vasthouden zolang hij wil.
  • Diegene die geen Talking Stick vasthoudt,  zwijgt en luistert aandachtig en met empathie. Hij mag wel een vraag stellen om te kijken of hij het wel goed begrijpt.
  • Zodra de spreker zijn mening, stelling heeft uitgesproken, kiest hij iemand uit de groep die zijn mening in zijn eigen woorden herhaalt tot tevredenheid van de voorgaande spreker. Enkel op deze manier kan de spreker zich ‘begrepen’ voelen.
  • Zodra de spreker zich begrepen voelt, geeft hij de stok door.
  • De volgende spreker mag niet in herhaling vallen. De vorige stelling, mening mag dus niet herhaald worden.

Ervaring

Mijn ervaring is dat deze werkvormen een stuk ruimte geven voor de stille Willy’s en rust geven aan de overheersende deelnemers, en dat iedereen op deze manier beter tot zijn recht komt.

Heb jij ervaring opgedaan met de werkvormen, geef dan hieronder je mening weer in een reactie!

Over de auteur:

10401411_296708497160515_2570209716641568197_nLoes Visscher is creatief trainer en facilitator bij Nuvoli. Met trainingen en interactieve workshops boort zij het aangeboren, maar vaak verwaarloosde talent tot creatief denken aan bij individuen en groepen. Met speciale liefde en aandacht voor het onderwijs, om door en met docenten creativiteit terug te brengen in het onderwijs en het natuurlijke creatieve talent van kinderen en jongvolwassenen te stimuleren.

Meer weten? Bel dan 06-29895989 of mail met Loes @ nuvoli.nl

 

luisteren doe je….

Muziek heeft zich in de loop van de jaren ontwikkeld van alleen live luisteren, via de grammofoon tot spotify en youtube. Dat heeft zijn voordelen, omdat we nu altijd en overal over muziek beschikken, maar ook nadelen. Ik zie dat door de ontwikkeling in de laatste jaren, kinderen er al helemaal gewend zijn om naar muziek te luisteren terwijl ze de beelden bekijken op bijv. youtube. Daarmee krijgen ze niet alleen muziek mee, maar ook beelden. Dat zijn extra prikkels die soms net te veel kunnen zijn voor sommige leerlingen, maar in ieder geval afleiden van het échte luisteren.

écht luisteren
Daarom in deze blog een paar tips om op verschillende manier muziek te gebruiken in de klas, waarbij je focust op het luisteren en de beleving van de muziek:

1. Laat leerlingen op hun armen liggen, met hun hoofd op de tafel en ogen dicht en laat ze naar muziek luisteren. Wil je de emotie van de muziek of juist de tekst extra onder de aandacht brengen, dan is dit een goede methode om focus aan te brengen.

2. Blinddoek de leerlingen, terwijl ze zitten of liggen (hou als leerkracht wel zelf je ogen open om ongelukken/onrust te voorkomen), laat ze lekker gaan/zitten of liggen en speel dan de muziek af. Als je de leerlingen laat liggen, werkt dat vaak heel ontspannend, dus geef leerlingen de tijd om na het luisteren weer ‘terug’ te komen in het hier en nu, door in een rustige stem instructies te geven, als klas stil te blijven en ze op eigen tempo de blinddoek af te laten doen en (in het geval van liggen) weer te gaan zitten. [instructievoorbeeld in bijlage]

3. Heb je de ruimte, combineer het luisteren naar muziek dan eens met beweging. Vertel de kinderen dat ze mogen bewegen met hun lijf terwijl ze naar de muziek luisteren en die volgen. Zorg hierbij dat kinderen goed weten wat ‘hun ruimte’ is, door bijvoorbeeld yogamatjes te gebruiken en op sokken/blote voeten te bewegen. Vooral bewegen met de ogen dicht zorgt dat kinderen bij zichzelf kunnen komen en gaan bewegen vanuit hun eigen beleving van de muziek.

verwerken
Wil je dat de kinderen het lied nog meer gaan verwerken?

Geef ze dan bijvoorbeeld na afloop de tekst van het lied en vraag ze te onderstrepen wat ze belangrijkste/mooiste zin/woord vonden. Of geef ze een blanco papier en laat ze wat tekenen/schrijven over wat ze hebben gehoord en beleefd.

 

creatieve werkvormen voor de start van het schooljaar

Om het schooljaar op een creatieve manier te beginnen, hierbij een achttal voorbeelden van rijke werkvormen om de vakantie te ‘bespreken’ met de klas. Ik heb een onderverdeling gemaakt in onder-, midden-, en bovenbouw (PO), maar sommige werkvormen kunnen uiteraard ook in andere groepen worden gebruikt. Ik wens jullie veel creativiteit en plezier bij het uitvoeren ervan en zou het erg leuk vinden om jullie reacties en resultaten (foto’s…) te krijgen.kompas

[klik hier 140812 Nuvoli – creatieve werkvormen voor start schooljaar om het hele document als PDF te downloaden]

Onderbouw:

  1. Laat de kinderen een associatiekaart uitkiezen die staat voor hun vakantie om te gebruiken voor een kringgesprek.
  2. Ga in de kring staan en gooi een bal naar een leerling. Deze leerling mag in 3 woorden vertellen hoe zijn/haar vakantie was en gooit de bal daarna naar de volgende leerling. Ga zo door tot iedereen aan de beurt is geweest.

 

Middenbouw

  1. Teken de contouren van Europa op de grond – kinderen nemen positie in van waar ze geweest zijn. Laat ze het land noemen (en evt. de hoofdstad) en kijk of ze samen de niet-ingevulde landen kunnen benomen.
  1. Laat de kinderen een moodboard maken van hun vakantie en in 1 minuut vertellen (timer laten lopen) wat hun vakantiebelevenissen waren.
  2. Laat de kinderen een kleine tekening  (A6) maken van een geluksmoment tijdens hun vakantie.
    1. Aanvullende werkvorm: Gebruik drama/mime om het geluksmoment te laten zien aan de klas, laat hen dan raden wat het was (voor het uitspelen kunnen natuurlijk ook groepjes worden gebruikt, zodat er meerdere rollen kunnen worden ingevuld).

 

Bovenbouw

6. Maak een wereldkaart op het schoolplein, samen met de leerlingen. Gebruik bijvoorbeeld rasteren om de wereld stukje voor stukje te tekenen. Daarna neemt iedereen een plek in op de wereldkaart en vertelt kort waar hij/zij geweest is. Dit is ook een mooi fotomoment

7. Gebruik een lijn van de ene naar de andere kant van de klas, stel vragen en benoem steeds de uitersten en vraag de leerlingen op de lijn te gaan staan, op de plek waar ze ‘horen’. Vraag dan steeds een leerling waarom deze op die positie staat, zodat ze dat kunnen toelichten. Die leerling mag dan een ander kiezen om te vragen waarom die op zijn/haar plek staat. Gebruik hierbij (bijv.) de volgende vragen:

  • Hoe leuk was je vakantie? (Helemaal niet leuk vs fantastisch!)
  • Hoe lang ben je weggeweest (0-6 weken)
  • Hoe ver weg ze zijn geweest (uitersten thuis vs andere kant van de wereld)
  • Kon je de mensen op je vakantiebestemming verstaan? (helemaal wel vs helemaal niet)
  • Hoe was het weer? (heel slecht vs alleen maar zon)

8. Noord – oost – zuid – west – markeer in het lokaal  een windroos op de vloer en laat de leerlingen plaatsnemen in het lokaal op basis van de laatste locatie waar ze heen zijn geweest op vakantie. Laat ze elkaar helpen als ze het niet weten.Aanvullende werkvorm: De leerlingen berekenen hoe ver weg ze zijn geweest (in km’s)

  • maak hier dan een grafiek van
  • of bereken wel deel  van de km’s elke klasgenoot heeft “verbruikt”
  • Bereken hoeveel brandstof dat gekost heeft (op basis van het verbruik van verschillende auto’s bijv. hybride, diesel en oldtimer)

Over de auteur:

Loes Visscher is creatief trainer en facilitator bij Nuvoli. Met trainingen en interactieve workshops boort zij het aangeboren, maar vaak verwaarloosde talent tot creatief denken aan bij individuen en groepen. Met speciale liefde en aandacht voor het onderwijs, om door en met docenten creativiteit terug te brengen in het onderwijs en het natuurlijke creatieve talent van kinderen en jongvolwassenen te stimuleren.

Meer weten? Bel dan 06-29895989 of mail met Loes @ nuvoli.nl.